Volgens Kent Anderson van de Control Risks Group richten 'hacktivisten' hoe langer hoe meer hun aandacht op commerciële bedrijven op het net. Zij vormen een groot gevaar voor deze groep, aldus de veiligheidsspecialist tegenover persbureau Reuters. Actiegroepen proberen volgens hem aandacht op zich te vestigen door het defacen van webpagina's, het uitvoeren van Denial of Service-aanvallen en het verspreiden van virussen. Ook elektronische spionage wordt steeds populairder. Trendsetters op dit gebied zou de Zapatista-beweging zijn, die in de Mexicaanse staat Chiapas opkomt voor de rechten van de Indianen. Ook in het Midden-Oosten is internetvandalisme momenteel aan de orde van de dag. Woensdag werd nog de site van een pro-Israëlische lobbygroep aangepakt door een met de Palestijnen sympathiserende hacker. Deze slaagde erin om persoonlijke informatie – zoals creditcardgegevens – op de site van de AIPAC (American Israel Public Affairs Committee) te publiceren. Ongeveer een kwartier hierna nam de AIPAC haar site offline. Alle leden kregen per e-mail een waarschuwing. Van zo'n 200 leden werden de creditcardgegevens gepubliceerd, van 700 andere persoonlijke informatie. Onder hen bevonden zich leden van het Amerikaanse Congres en werknemers van het ministerie van Justitie. Van 3500 leden werden de mailadressen achterhaald. Eerder werden al diverse Israëlische overheidssite aangevallen door pro-Palestijnse groeperingen. Ook het omgekeerde is inmiddels gebeurd. Lucent heeft donderdag bevestigd dat haar site het slachtoffer is geworden van 'tenminste één aanval door pro-Palestijnse hackers'. Lucent is hiermee het eerste Amerikaanse bedrijf dat zo wordt betrokken in de cyberoorlog die in het Midden-Oosten woedt. Lucent doet – zoals zoveel andere Amerikaanse bedrijven – veel zaken in Israël.