Met ingang van versie 4.1 is de software voortaan ook beschikbaar in de Nederlandse taal . “Dat is op zich niet wereldschokkend”, geeft Imprivata’s salesmanager Rik Van Bruggen toe, “maar het is wel belangrijk voor de wachtwoord self-service.”

Een grotere verandering in OneSign 4.1 is de mogelijkheid om op meerdere pc’s sneller van gebruiker te wisselen waarbij applicaties ‘hot’ worden gehouden. Gebruikers die een werkstation delen krijgen hiermee direct toegang tot hun persoonlijke Windows-bureaublad zonder Windows helemaal opnieuw op te starten. “De werkwijze is daarbij helemaal instelbaar”, zegt Van Bruggen. “Zo kun je ervoor kiezen om zware applicaties niet af te sluiten. Maar dan wil je natuurlijk wel voorkomen dat bijvoorbeeld patiëntgegevens achterblijven.”

Ook nieuw is de mogelijkheid om pincodes als authenticatiemethode te gebruiken. Volgens Van Bruggen is deze methode vooral nuttig in combinatie met ‘proximity cards’, zoals bijvoorbeeld toegangspasjes die je tegen een lezer moet houden. “Maar een kaart is maar een kaart”, aldus Van Bruggen. Door deze kaart te combineren met een pincode krijg je meer zekerheid dat de gebruiker ook de rechtmatige eigenaar is van de kaart.

Koppeling fysieke beveiliging

Verder biedt OneSign 4.1 integratie met Tivoli Identiy Manager, ondersteuning voor Windows Server 2008 en Microsoft SoftGrid en integratie met het fysieke toegangscontrolesysteem Nedap AEOS. Volgens Van Bruggen worden de desktop- en remote omgevingen veiliger door de integratie met het fysieke toegangscontrolesysteem. “We weten nu waar je bent. Als je niet binnen bent, kun je niet inloggen op je pc. En als je wel binnen bent, krijg je geen toegang tot het VPN.”

Bron: Techworld