Cybercriminaliteit en de georganiseerde misdaad vertonen veel overeenkomsten, zo vertelde Joost van Slobbe van het Team High Tech Crime donderdag tijdens een symposium over informatiebeveiliging in Den Haag. Het Team High Tech Crime is in augustus opgericht als onderdeel van het Korps Landelijke Politiediensten.

Volgens Van Slobbe gaat het bij zowel de georganiseerde misdaad als bij hackers om goed georganiseerde netwerken, veel geld en weten beide groepen goed hoe ze onopgemerkt kunnen blijven.

Hij denkt dat de twee soorten criminaliteit dichter naar elkaar toe zullen groeien. "In 2010 huren georganiseerde criminelen cybercriminelen in voor het plegen van misdaden."

Volgens zijn collega Jaap van Oss is het logisch dat cybercrime zich ontwikkelt tot georganiseerde misdaad. "Door het grote geld dat met cybercrime is gemoeid, zal de georganiseerde misdaad er van zelf interesse in krijgen."

Straffen

Internetcriminaliteit wordt nu in Nederland nog niet beschouwd als georganiseerde misdaad.

Dat het dat wel wordt, lijkt voor Van Oss als een paal boven water te staan. "We zien signalen dat cybercrime aan het professionaliseren is."

Volgens politie-onderzoeker Van Slobbe zou het helpen om internetmisdaden zwaarder te bestraffen. "Cybercrime is serieus en richt grote schade aan in de maatschappij, dus moeten de straffen omhoog."

Maar hij erkent dat het verhogen van de straffen alleen geen oplossing is. "Echte criminelen - dus ook echte cybercriminelen - laten zich niet afschrikken door hoge straffen. Dat risico calculeren ze in."

Criminelen

Overigens heeft de Nederlandse politie geen idee wie die internetcriminelen in werkelijkheid zijn. "We kennen misschien hun schuilnamen en de plaatsen waar ze elkaar virtueel ontmoeten, maar wie ze in het echte leven zijn en waarom ze dit doen, weten we niet", aldus Van Slobbe. "Dat is wel noodzakelijk voor de bestrijding van deze criminelen."

Het vermoeden bestaat dat het gaat om professionele it-experts die moeilijk traceerbaar zijn en zich makkelijk aanpassen aan nieuwe situaties.

De vrees dat terroristen het op belangrijke infrastructurele netwerken gemunt hebben, werd door buitenlanddeskundige Rob de Wijk van Instituut Clingendael weggewuifd. Hoewel een massale terroristische cyberaanval logisch lijkt, is de kans hierop erg klein, aldus De Wijk.

"Terroristen gebruiken internet zelf voor informatiedoeleinden. Ze zullen niet snel een cyberaanval plannen", stelde hij de zaal gerust. "Terreur is theater, ze willen doden op tv zien. Een ict-aanval is niet spectaculair. Daarom zal Al-qeada niet geïnteresseerd zijn in cyberaanvallen."