Deze indirecte doorverkoop door een Israëlisch softwarebedrijf is gedaan via een distributeur in Denemarken. Daarbij is aan grote boze vijand Iran materiaal verkocht om het internetverkeer te monitoren. De handel met Iran is voor Israëlische bedrijven verboden. Persbureau Bloomberg meldt dat er een onderzoek gaande is naar deze pijnlijke kwestie.

De kwestie is delicaat omdat Iran al decennia lang oproept tot vernietiging van de joodse staat. Ondertussen maakt Israel zich volgens diverse media op om een aanval uit te voeren op Iraanse installaties waar mogelijk atoomwapens worden gemaakt. Het Israëlische ministerie van Defensie onderzoekt nu de controversiële handel van DPI-middelen (deep packet inspection) voor het afluisteren van internetverkeer.

Bedrijf wast handen in onschuld

Volgens de directeur van Allot Communications, het bedrijf in kwestie, mag de Deense distributeur RanTek de afluisterproducten alleen verkopen in Denemarken zelf. Het partnerbedrijf schendt dus de overeenkomst als het spullen verscheept naar Iran. De topman zegt dat Allot zelf niet betrokken is bij een eventuele doorverkoop aan Iran. Hij verklaart een onderzoek van de Israëlische autoriteiten volledig te steunen.

Maar volgens Bloomberg, dat zich beroept op de informatie van drie voormalige verkoopmedewerkers van Alot, wist het bedrijf wel degelijk dat de producten naar Iran gingen. Het betreffende product, NetEnforcer, kan data onderscheppen en inspecteren op een netwerk. Deep packet inspection wordt in Nederland ook gebruikt door telco's als KPN om het netwerkverkeer te monitoren. Volgens Allot kan met de software niet de werkelijke inhoud van datapakketten worden uitgelezen.