De vragen worden gesteld naar aanleiding van een Duitse politicus die samen met de krant Zeit inzichtelijk maakte wat de politie precies kan met opgeslagen telecomdata.

In de infografiek die de krant maakte met de opgeslagen telecomdata is van minuut tot minuut te volgen waar politicus Malte Spitz zich in een half jaar bevond. Door dit te koppelen aan openbare bronnen zoals sociale media en de partij-agenda van Spitz werd ook duidelijk wat hij deed.

De partijen D66, PvdA, SP GroenLinks en de VVD die samen een Kamermeerderheid hebben stellen vragen over de grote hoeveelheid gegevens die bij telecombedrijven beschikbaar is voor de overheid. Ze vragen aan minister Opstelten van Veiligheid en Justitie of de Duitse situatie met koppeling aan openbare bronnen ook in Nederland toepasbaar is. Vooral de VVD is hier opmerkelijk omdat die partij eerder voor de opslag van telecomdata stemde.

Geen inzicht in dataretentie

Ook vragen ze zich af of de gegevens wel goed genoeg beveiligd zijn en op welke manier iemand bezwaar kan maken tegen de opslag van gegevens. Ook vragen ze zich af of de privacy niet in gevaar is en hoe vaak de gegevens worden opgevraagd door overheden. Ook wordt om opheldering gevraagd of en hoe vaak de gegevens door derden worden opgevraagd.

Een harde eis hebben de partijen niet. Uit de vragen blijkt dat de insteek vooral gericht is op bewustwording bij Nederlanders over wat er met hun data gebeurt. Wel wil de kamer weten hoe vaak de telecomgegevens worden opgevraagd en of de burger hier inzicht in kan krijgen.

Nederland slaat 12 maanden op

In Nederland worden telecomgegevens 12 maanden opgeslagen. Dat is 6 maanden langer dan sinds 2006 verplicht is (pdf) in de Europese Unie en de gegevens worden vooral bewaard voor opsporingsdoeleinden. Deze wettelijke plicht komt erop neer dat de "verkeersgegevens, locatiegegevens en de hiermee verband houdende identificerende gegevens van de klant" een jaar lang worden bewaard. "Basis regel voor alle te bewaren gegevens is dat alleen gegevens moeten worden opgeslagen die door het netwerk of aangeboden dienst worden gegenereerd of verwerkt", aldus het Agentschap.

Concreet worden vrijwel alle soorten oproepen plus sms en mms berichten het tijdstip en de ontvanger bewaard. Ook gebruikersidentificatie en de Cell ID's (locatie) waar de oproep wordt gestart en waar die wordt beëindigd wordt opgeslagen. Dit wordt gekoppeld aan namen en adressen van gebruikers. Verder worden de unieke kenmerken van een telefoon bewaard, waaronder de IMSI en IMEI nummers waarmee een telefoon kan worden geïdentificeerd. Ook de gegevens van prepaidtelefoons worden zover dat kan gelogd. In de wet wordt extra benadrukt dat de plek waarop de telefoon voor het eerst wordt geactiveerd wordt bewaard.

Internetgegevens

Ook de internetgegevens die via mobiele telefoons lopen worden bewaard. Zoals het ip-adres of het telefoonnummer en die worden dan weer gekoppeld aan de namen en adressen van de abonnees die van de dienst gebruik maakten. Ook de datum en het tijdstip van de log-in en log-off worden bewaard.

Nadat de gegevens 12 maanden bewaard zijn worden ze vernietigd, tenzij ze gebruikt worden voor andere doeleinden zoals "facturering, marktonderzoek, verkoopactiviteiten of toegevoegde waarde diensten".

In augustus vorig jaar bleek dat bijna geen enkele internetprovider het opslaan van gegevens zo had geregeld als verplicht wordt door de overheid. Ook de beveiliging van de opgeslagen gegevens voldeed niet en systemen voor het vernietigen van data waren ook nog niet gereed. In die nulmeting van het Agentschap Telecom zijn de telecomproviders niet meegenomen.