Totdat een rekening op je deurmat ploft. Of je maar even 195 euro wilt betalen.

Waarom? Tjeerd plaatste in december 2002 een artikel op zijn website dat hij integraal had overgenomen van de website van het NRC - met bronvermelding en link. Zo kwam de schrijfster van het artikel, een freelance journaliste, achter deze inbreuk op haar auteursrecht. Die had zij ondergebracht bij Cozzmoss, een bureautje dat naar eigen zeggen schendingen van het auteursrecht opspoort en beboet.

Tjeerd slikte en betaalde. Dat deden ook andere webloggers die door Cozzmoss werden gesommeerd, zoals weblogster Cinner. Zij houdt een website bij over haar ziekte ME en kreeg, ook na overname van een artikel uit het NRC, een claim aan haar broek van 480 euro, oftewel driemaal de prijs van het origineel. Tenzij ze binnen twee weken betaalde, dan was de schade 'slechts' 255 euro. Ook Cinner besloot maar snel te betalen, temeer omdat Cozzmoss dreigde alle advocaatkosten op haar te verhalen.

Puur wettelijk gezien is er geen speld tussen te krijgen. Je mag artikelen niet integraal overnemen. De Auteurswet uit 1912 is daar heel helder over. Elke gepubliceerde letter is beschermd.

Is daarmee de kous af? Nee. Regels zijn regels, aldus Rita Verdonk, maar er is ook nog zoiets als een interpretatie van de wet - zeker wanneer deze bijna een eeuw oud is en opeens wordt toegepast op nieuwe media.

Zo waag ik het te betwijfelen of een rechter het eens is met de hoogte van de opgelegde claims. Vijf jaar na dato je auteursrecht claimen bij een website met gemiddeld veertig bezoekers, maakt geen sterke indruk. Was bijvoorbeeld eerst een waarschuwing met het verzoek de tekst te verwijderen niet op zijn plaats geweest?

Rechters hechten aan redelijkheid en billijkheid. Hier riekt alles naar het snel willen innen van geld, met een wet uit 1912 als stok om de hond te slaan. Temeer omdat Cozzmoss de helft van alle geïnde claims voor zichzelf houdt. Een doorsnee incassobureau is tevreden met 15%.

Nog opmerkelijker: aangeschreven websites kunnen ervoor kiezen een banner van Cozzmoss te plaatsen om zo enige advertentie-inkomsten te genereren, die op een later tijdstip weer verrekend kunnen worden met de claim.

Nog vreemder: aangeschreven weblogs melden dat in ruil voor een lager schikkingsbedrag ook een contract getekend dient te worden waarin men akkoord gaat met een zwijgplicht. Benieuwd hoe een rechter dit soort koehandel toetst.

Aan de andere kant: hele volksstammen op internet vullen met louter knippen en plakken hun weblog. Zelf maak ik het als freelance columnist geregeld mee. Complete columns worden overgenomen. Zolang mijn naam er onder staat, plus een link naar het origineel, vind ik het oké. Voor mij is het in zo'n geval duidelijk dat de blogger te goeder trouw handelt. Want één ding is zeker: de gemiddelde weblogger is niets meer dan een goedwillende amateur. Daarom zwichten ze zo snel voor Cozzmoss.

Vooralsnog is het wachten op de eerste weblogger (met een goede rechtsbijstandsverzekering) die de claim verscheurt. Eens zien of Cozzmoss bereid is te investeren in advocaatkosten en een gang naar de rechter, teneinde een paar honderd euro op te halen. Want wat het bedrijfje ook beweert, uit eigen ervaring weet ik dat het in de praktijk uitermate lastig, zo niet onmogelijk is, advocaatkosten op de wederpartij te verhalen. Nee, het zou mij niet verwonderen wanneer Cozzmoss het niet eens laat aankomen op een rechtszaak.

Benieuwd wie het aandurft. Trouwens, ook voor de mindere helden onder ons is er geen reden tot paniek: zet je domeinnaam op naam van je webhoster. Mag Cozzmoss eerst naar de rechter om je adresgegevens te bemachtigen. Altijd lachen.

Maar wat moet je nu als gedupeerde freelancer wanneer kwaadwillenden er met je online teksten vandoor gaan? Word lid van de Nederlandse Vereniging van Journalisten. Daar werken keurige, vakbekwame juristen die prima voor je rechten opkomen. Áls ze claimen, is het hele bedrag voor jou. En Cozzmoss? Zij kennen slechts één mantra: 'claimen kost niets, wie weet trapt iemand er in'. Je moet als freelancer een echte armoezaaier zijn, wil je met deze klaplopers in zee gaan.