De Raad bestaat uit vertegenwoordigende ministers van de lidstaten en kan het Europese Parlement voorstellen doen voor wetgeving die over heel Europa wordt uitgerold. Per onderwerp wordt er een andere minister afgevaardigd.

In dit geval waren namens Nederland minister Gerd Leers en staatssecretaris Fred Teeven aanwezig. Zij reageerden op voorstellen van de Europese Commissie om cybercrime aan te pakken. Die voorstellen willen de ministers aanvullen met een verbod op het maken van computervirussen en hackerstools.

Ook verspreiden van tools strafbaar

Niet alleen het maken van die tools wordt strafbaar, maar ook de verspreiding ervan. Overigens wordt dat alleen maar strafbaar gesteld als er ook daadwerkelijk strafbare feiten worden gepleegd, zoals het creëren van botnets of het stelen van gegevens vanaf computers. Makers van technologie om beveiligingsmaatregelen te testen bijvoorbeeld, zijn daarmee dus niet in overtreding.

De Raad van ministers wil ook het “illegaal onderscheppen” van computergegevens strafbaar stellen. Mocht een lidstaat een cyberaanval constateren, dan moeten zij hun collega’s binnen de Europese Unie binnen acht uur na de aanval informeren, zodat er in de opsporing en bestrijding beter kan worden samengewerkt, zo is het voorstel.

Hogere celstraffen

De straffen moeten hoger worden. De wat meer algemene vormen van computerinbraak moeten een maximum straf krijgen van twee jaar cel, vinden de ministers. Een criminele daad tegen een substantieel aantal computersystemen (zoals bij het vormen van een botnet) moet een maximumstraf krijgen van drie jaar gevangenis. Het deel uitmaken van een georganiseerde cybercrimebende die serieuze schade heeft veroorzaakt, zou op vijf jaar cel komen.