Dat vinden de Tweede Kamerleden Van Gerven (SP) en Voortman (GroenLinks). Zij willen nu eindelijk eens weten van de minister van Volksgezondheid Edith Schippers wat de verhoudingen zijn tussen de Vereniging Zorgaanbieders voor Zorgcommunicatie (VZVZ) en het Nationaal ICT Instituut in de Zorg (Nictiz) en wat de rol is van het ministerie van Volksgezondheid.

Beide Kamerleden vinden het op zijn minst opvallend dat zowel ministerie als VZVZ en Nictiz kosten noch moeite sparen om het Elektronisch Patiëntendossier (EPD) erdoor te drukken ondanks de afwijzing ervan door de Eerste Kamer, vorig jaar. Voortman en Van Gerven vragen aan de minister of de VZVZ “een soort window-dressing-organisatie is, die in feite wordt aangestuurd door het ministerie van VWS".

'VZVZ dekmantel van het ministerie'

De VZVZ is in de ogen van de Kamerleden een dekmantel van het ministerie om het EPD en de ICT-infrastructuur LSP erdoor te drukken. Zij willen weten of het waar is dat Nictiz, dat tot vorig jaar verantwoordelijk was voor de uitvoering van het EPD-plan, dit jaar nog 22 miljoen euro krijgt dat wordt geïnvesteerd in het Landelijke Schakelpunt (LSP).

Beide Kamerleden vragen zich ook af wat de huidige directeur van het VZVZ krijgt voor zijn werk en hoeveel uren hij daarvoor moet werken. Ook hebben zij gehoord dat directeur Edwin Velzel een auto met chauffeur heeft bedongen bij zijn aanstelling.

Uitwisseling dossiers staat stil

De uitwisseling van medische dossiers via het LSP is sinds 1 januari vrijwel stil komen te staan, omdat slechts enkele honderdduizenden patiënten toestemming hebben gegeven voor die uitwisseling. De landelijke infrastructuur bood toegang tot 8 miljoen medische dossiers. Die zijn dus vrijwel allemaal afgekoppeld van het LSP. Het College Bescherming Persoonsgegevens houdt dat proces in de gaten. “Zodra we signalen krijgen dat het niet goed wordt uitgevoerd, gaan wij daarop handhaven", zegt Lisette Rutgers van het CBP.

Huisartsen willen bodemprocedure starten

Ondertussen maakt de Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen zich alsnog op voor het starten van een bodemprocedure tegen VZVZ omdat het vindt dat er nog steeds geen indicaties zijn dat de aanpak van de uitwisseling van medische gegevens wordt verbeterd. Er zijn grote bezwaren betreffende de privacy van patiënten en de beveiliging van de toegang tot de dossiers en de infrastructuur. De VPH denkt binnen een maand te beslissen over die bodemprocedure.

Eerder had de VPH al een kort geding aangespannen, maar doordat onder druk van de media en de huisartsen zelf de uitvoering van de landelijke uitwisseling van medische dossiers op de langere baan is geschoven, is het spoedeisende karakter van een kort geding eraf. Het LSP zal nu in eerste instantie per regio worden opgezet waarna in drie jaar moet worden bekeken of landelijke koppelingen opportuun zijn.

Geen financiële dwang meer van verzekeraars

Ook hebben de zorgverzekeraars inmiddels de tekst van de contracten met huisartsen aangepast, waarin was opgenomen dat zij minder geld kregen als zij zich niet inspannen voor het verkrijgen van toestemming van patiënten voor de uitwisseling van hun gegevens. Die gewraakte passage is via een extra aanvulling op de al getekende contracten gecorrigeerd. Daarbij zegt Zorgverzekeraars Nederland, de overkoepeling van de zorgverzekeraars, dat het nooit de bedoeling is geweest dat die passage werd gezien als dwang om mee te doen aan het LSP.