Nederland krijgt onder leiding van de eerste cyberkolonel Hans Folmer vanaf 1 januari 2012 een gespecialiseerd digitaal verdedigingsteam. Die 'Taskforce Cyber' moet voor 2015 uitgroeien tot een Defensie Cyber Commando (DCC) en en Defensie Cyber Expertise Centrum (DCEC).

50 miljoen euro

Tot 2015 zal het woord 'cyber' nog vaak gebruikt worden bij defensie. Er is tot dan 50 miljoen euro gereserveerd voor de ontwikkeling en ontplooiing van digitale oorlogstechnieken. In eerste instantie is het doel van het nieuwe krijgsmachtonderdeel defensief. Alle wapen-, regel- en ict-systemen en de netwerken die daaraan gekoppeld zijn moeten voldoende worden beschermd. Op dit moment wordt dat gedaan door het Defensie Computer Emergency Response Team (DefCERT).

Maar het is ook de bedoeling dat het cyberleger meester wordt in digitale aanvallen. "We moeten in het digitale domein offensieve handelingen kunnen verrichten. Dat geldt zowel tactisch als strategisch", zegt generaal-majoor Sander Schnitger, directeur operationeel beleid tegen de Defensiekrant.

'Internetleger komt niet te laat'

Een artikel waar woordvoerder van Defensie Maarten Hilbrandie ook naar verwijst na vragen van Webwereld. "De taskforce gaat zich onder andere richten op de vraag in hoeverre we ook offensieve capaciteiten gaan ontwikkelen. Maar dat we in ieder geval de kennis in huis gaan halen is wel een doel, aangezien je alleen weet hoe je jezelf kan verdedigen als je weet hoe een aanval uitgevoerd moet worden", nuanceert Hilbrandie de digitale aanvalsplannen

Cyber, zoals defensie het onderdeel noemt krijgt een eigen plaats naast land, zee en lucht. De Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) krijgt de taak om de digitale dreigingen te inventariseren.

Volgens Schnitger komt de oprichting van een cybereenheid binnen het Nederlandse leger niet te laat. Hoewel Nederland wel op andere landen achterloopt. Het is nu zaak om snel een goed team op poten te zetten omdat de technologische dreigingen zich snel ontwikkelen, waarschuwt de generaal.

'Internet is ook cyber'

Het is volgens hem een misvatting dat een digitale aanval maar een klein onderdeel van de krijgsmacht kan raken. Schnitger legt het aan de Defensiekrant zo uit: "Vanuit een Defensie-oogpunt ligt cyber tegen elektronische oorlogvoering aan. In plaats van via de lucht of over de grond probeer je via cyber de opponent aan te pakken. Iedereen heeft al met cyber te maken. Kijk maar eens naar internet. Dat is ook cyber en dat raakt ons allemaal: we zijn er steeds meer afhankelijk van."

Volgens de generaal zijn goede wachtwoorden, het bijhouden van virusscanners en het gebruik van beveiligde verbindingen essentieel. Hij pleit dan ook voor bewustzijn, omdat volgens de NAVO tweederde van de veiligheidsincidenten onbedoeld van binnenuit komt. Op die interne veiligheid gaat defensie "flink inzetten".

Internationale expertise

Ook bedreigingen van buitenaf moeten geweerd worden. Een aanval op de systemen die zorgt voor het beïnvloeden van munitiestromen acht Defensie niet ondenkbaar. Wel wijst Schnitger erop dat "kennis voor zo'n cyberorganisatie (nog) niet in huis is".

Die kennis wordt onder andere gehaald bij het Cooperative Cyber Defence Center Of Excellence dat gelieerd is aan de NAVO. Ook is Defensie betrokken bij de oprichting van het Nationale Cyber Security Centrum en de Nationale Cyber Security Strategie van de Nederlandse overheid.

Verder komt er een "cyber testrange" en er komt een speciale leerstoel aan de Nederlandse Defensie Academie. Ook wordt er een speciaal opleidings- en trainingscentrum opgericht.

Het Nederlandse cyberleger zal bestaan uit vaste krachten maar er wordt op korte termijn ook een speciale pool met "cyberreservisten" in het leven geroepen. Defensie heeft daarvoor inmiddels contact gelegd met universiteiten en het bedrijfsleven.