Minister Opstelten noemt de impact van de in de maak zijnde Europese databescherming op de Nederlandse economie “een zorgelijk punt”. Opstelten maakte die opmerking in een interview met de NOS, vanmorgen. “In grote lijnen, met enkele kanttekeningen, steunen we een betere bescherming van de persoonlijke informatie van burgers, maar vragen we wel aandacht voor de administratieve lasten voor het bedrijfsleven.”

Geen 71 miljoen, maar 1,1 miljard euro

Opstelten zegt dat eerder werd ingeschat dat invoering van de databeschermingsregels het Nederlandse bedrijfsleven 71 miljoen euro zou kosten, maar een eigen impactanalyse van het Kabinet komt nu op een kostenpost van 1,1 miljard euro. “Daaraan moet meer aandacht worden geschonken”, zegt Opstelten. “Gelukkig zijn collega’s (in Europa, redactie) het daarmee eens.” Dat bleek eerder al in januari, toen de ministers achter gesloten deuren in Ierland vergaderden.

De discussie over de nieuwe Europese databeschermingsregels “kan nog wel even duren”, zegt Opstelten, maar, zo voegt hij eraan toe, “het mag niet ten koste gaan van het Nederlandse bedrijfsleven. Er mag geen enorm controlemachine ontstaan.” Onder voorzitterschap van Ierland heeft de Europese Raad van ministers in het afgelopen half jaar volgens Opstelten snel en veel vooruitgang geboekt. “Het is te hopen dat de nieuwe voorzitter Litouwen die snelheid overneemt.”