Microsoft heeft willens en wetens inbreuk gemaakt op twee patenten van VirnetX, oordeelde een Amerikaanse jury. Doordat de inbreuk moedwillig is werd de originele boete verdriedubbeld, bericht de IDG News Service.

CIA-project

De zaak loopt al meer dan twee jaar en gaat over twee aan elkaar gerelateerde patenten van VirnetX voor technieken die realtime communicatie beveiligen over een onvertrouwd netwerk, zoals het internet. In wezen een vorm van een VPN (virtual private network). VirnetX bouwde zijn patentenportfolio toen het bedrijf werkte aan een beveiligingsproject voor de CIA.

Het aanklagende bedrijf meldt op de eigen site echter dat het "van plan is een gevarieerd portfolio aan licenties en diensten te bieden". Dat omvat als eerste het in licentie verkopen van zijn gepatenteerde technologie. Microsoft is nu schuldig bevonden aan inbreuk daarop, maar gaat naar verwachting in beroep tegen het oordeel.

Doorprocederen

Waarschijnlijk gaat de zaak daardoor nog jaren duren. Microsoft werd eerder veroordeeld voor het moedwillig schenden van patenten van het bedrijf i4i. Microsoft is in dat geval aangeklaagd voor het schenden van een patent van waarin beschreven wordt hoe XML-documenten worden gemaakt in Word 2003 en 2007.

Ondanks twee veroordelingen in hoger beroep kan Microsoft ook in die zaak nog een keer beoordeeld worden door de rechters van het Hof van Beroep. Ook kan de softwaregigant nog doorprocederen tot de Amerikaanse Hoge Raad.

Advocatenkantoor

VirnetX heeft hetzelfde advocatenkantoor in de arm genomen als i4i: McCool Smith. Dat advocatenkantoor verdedigt het bedrijf voor een vastgesteld gage van drie miljoen dollar en een deel van 8 procent van een door de rechter opgelegde boete, bericht Siliconbeat.

Volgens Microsoft hing de toekomst van VirnetX af van deze rechtszaak. Uit documenten die de aanklagende firma heeft ingediend bij de Amerikaanse beurswaakhond SEC (Securities and Exchange Commission) blijkt dat balans van VirnetX eind september niet toereikend is om het bedrijf draaiende te houden na april 2010. Het vonnis komt dus net op tijd.