Op de dag dat Google nog eens woedend reageert op het onderscheppen van dataverkeer door de NSA, liet minister Plasterk van Binnenlandse Zaken bij Nieuwsuur gelaten weten dat hij geen reden heeft om te denken dat Nederland een doelwit is. Wel kreeg hij een A4’tje tekst – die hij zelfs mocht delen -doorgestuurd waarin de NSA “impliciet wel aangeeft dat die getallen geen flauwekul zijn.”

Met die getallen wordt gedoeld op de piekmaand waarin het aftappen van telecomverkeer in Nederland 1,8 miljoen gesprekken telde. Minister Plasterk bevestigt dat daarbij zonder toestemming metadata is verzameld. “Deze 1,8 miljoen gesprekken zijn niet door de Nederlandse inlichtingendienst verzameld en dus ook niet verstrekt aan de NSA”, zei hij in interview met Twan Huys. “Wij wisten dat niet.”

'De balans is zoek'

In het vraaggesprek liet de minister nog eens weten niet te denken dat Nederland topfunctionarissen zijn of worden afgeluisterd. Nadat Huys aan Plasterk vroeg of hij dit in zijn eerdere gesprek met NSA-generaal Keith Alexander had gevraagd, vertelde de minister dat hij daarop het antwoord kreeg dat Nederland geen target is. Plasterk ziet geen reden om daaraan te twijfelen.

Eerder deze week schreef Plasterk aan de Tweede Kamer dat dit in zijn algemeenheid een aanvaardbare methode is in het kader van terrorismebestrijding, nationale veiligheid en militaire doelen. Dit herhaalde hij in interview nog eens. “Schouder aan schouder dat is goed, maar als je onderwijl elkaar ook afluistert, of dat nu burgers of politici zijn, is dat niet acceptabel”, aldus de minister nog wel kwijt wilde dat in zijn ogen de balans tussen privacy en terrorismebestrijding in zijn ogen “zoek is.”