De marketing- en advertentiebranche zei eind vorige week dat een onderzoeksrapport van TNO en IViR “grove fouten” bevatte en niet representatief was. De branche eiste van TNO zelfs rectificatie van de fouten in het rapport, dat was opgesteld in opdracht van de OPTA. TNO nam de naleving van de huidige wetten over online privacy onder de loep en kwam tot de schrikbarende conclusie dat het overgrote deel van de bezochte websites al dan niet bewust de huidige wetgeving overtreed.

Volgens DDMA-voorzitter Henry Meijdam is het onbegrijpelijk dat TNO beweert dat de huidige wet eist dat er toestemming moet worden gevraagd voor het plaatsen van cookies. “Het schetst het onterechte beeld dat organisaties nu illegaal bezig zijn”, zo zei hij in een gezamenlijke reactie van de marketing- en reclamebranche.

Brief naar Kamer

In een brief aan de Tweede Kamercommissie voor Economie en Innovatie beweert de branche dat er zowel in de huidige wetgeving als in de Europese richtlijn ePrivacy niet opgenomen is dat er vooraf toestemming moet worden gevraagd aan de websurfer voor het plaatsen van cookies.

Ook IViR en TNO hebben nu een brief geschreven aan de Tweede Kamercommissie met daarin de uitleg van de bepalingen in het Besluit Universele Dienstverlening en Eindgebruikersbelangen (BUDE). Daarin staat opgenomen dat er expliciet gelegenheid tot weigeren van cookies moet worden opgenomen. Dat interpreteert TNO als opt-in, omdat het een “substantieel andere situatie is” dan opt-out.

Bits of Freedom

De opstelling van de commerciële branche heeft ook Ot van Daalen van Bits of Freedom verrast. “Hoogst opmerkelijk. De regelgeving is toch duidelijk.” Hij zegt niet te snappen hoe professionele organisaties als de DDMA en IAB “glashard kunnen volhouden” dat die eis niet zou gelden. Hij vindt de discussie hierover des te belangrijker “omdat wij begrijpen dat andere landen hun beleid afstemmen op het beleid in Nederland.”

Van Daalen vindt dat gebruikers standaard niet gevolgd mogen worden. Slechts als zij dat zelf aangeven zou dat wel mogen. “Opt-in dus.” Dat zou volgens hem met behulp van browserinstellingen kunnen. “Maar dat mag er nooit toe leiden dat een opt-in systeem in de praktijk een opt-out wordt.” Volgens Van Daalen zou het debat over de Telecomwet in de Tweede Kamer daarover moeten gaan.

Deadline wordt niet gehaald

De door Europa verplichte aanpassing van de Telecomwet staat voor behandeling in de Tweede Kamer op de voorlopige agenda in de tweede week van april. De kans dat het dan wordt behandeld, is overigens klein. De Tweede Kamer heeft voor de behandeling waarschijnlijk zo’n twee dagen nodig, zegt PvdA-kamerlid Martijn van Dam.

Iedere partij heeft zo’n twintig minuten spreektijd aangevraagd, terwijl het Kabinet dan nog flink wat tijd nodig zal hebben om de vragen in die eerste termijn te beantwoorden. Daarna volgt ook nog eens het debat in de Kamer.

Als de gewijzigde wet uiteindelijk is aangenomen, moet het nog voor bekrachtiging naar de Eerste Kamer, die daarvoor eveneens een gaatje in de agenda moet vinden. De kans dat de gewijzigde wet nog voor de door Europa gestelde deadline van 25 mei van kracht is, is dus vrijwel nihil.