Dat blijkt uit documenten die Boeing heeft ingediend bij de Amerikaanse vliegtuigwaakhond FAA.

In 2012 heeft Boeing een onboard computersysteem in gebruik genomen in vliegtuigmodellen 777-200, 777-300 en 777-300ER waarbij het entertainmentsysteem voor passagiers verbonden was met het systeem dat de veiligheid van het vliegtuig controleerde en aanstuurde. Voorheen waren beide systemen gescheiden en onbekend is waarom Boeing in 2012 besloot die systemen via het netwerk met elkaar te verbinden en deels te integreren.

'Kans op schade aan systemen'

Een half jaar geleden diende Boeing nieuwe documenten in bij de FAA waarin een verandering in het ontwerp van het vliegtuignetwerk werd voorgesteld zodat beide systemen weer los van elkaar kwamen te staan. "Het netwerkontwerp kan resulteren in kwetsbaarheden in de beveiliging door bewuste of onbewuste beschadiging van data en systemen die cruciaal zijn voor de veiligheid en onderhoud van het vliegtuig", schrijft Boeing aan de FAA.

Met nieuwe maatregelen wordt voorzien in een uitbreiding van het netwerk waarbij het domein voor de informatiesystemen wordt gescheiden van het domein voor de bedieningssystemen. De informatiesystemen, met daarbij het entertainmentsysteem, bieden namelijk voor passagiers de mogelijkheid eigen devices in te pluggen via een usb-poort.

'Bescherming tegen ongeautoriseerde bronnen'

De FAA werd daarom door Boeing gevraagd de verplichte licentie voor het computersysteem te veranderen zodat beide netwerken gescheiden konden worden. "Het nieuwe ontwerp moet beschermen tegen ongeautoriseerde bronnen in het netwerk en voorkomen dat er ongepaste en gevaarlijke veranderingen kunnen worden aangebracht in de vliegtuigsystemen, netwerken of andere middelen die nodig zijn voor een veilige vlucht", schrijft Boeing. De FAA heeft daarop toestemming gegeven voor verandering van de systemen.