Amerikaanse regeringswoordvoerders hebben de Wall Street Journal laten weten dat niet de Verenigde Staten, maar Frankrijk en Spanje zelf de miljoenen taps hebben gezet op de telefoongesprekken. De inlichtingendiensten uit die landen hebben vervolgens de data doorgespeeld aan de Amerikaanse inlichtingendiensten.

Amerikanen slaan terug naar Europa

Daarmee verweren de Amerikanen zich voor het eerst tegen de voortgaande verontwaardiging uit Europa door te wijzen naar de Europeanen zelf. De Wall Street Journal noemt de bronnen niet bij naam. De NSA weigert de krant elk commentaar. Ook Spaanse en Franse woordvoerders willen niet reageren, of zeggen dat niet te mogen.

De beweringen dat de NSA grootschalig de Europeaanse burgers afluistert, zijn gebaseerd op een schema dat Der Spiegel deze zomer publiceerde. Daaruit is tevens af te leiden dat in Nederland 1,8 miljoen telefoontjes zijn afgetapt. De Wall Street Journal gaat daar verder niet op in, maar als de Franse en Spaanse data vanuit de landen zelf komt, stelt het de cijfers over het aftappen in Duitsland en Nederland, die tegelijkertijd in datzelfde schema voorkwamen, in een ander daglicht.

"Beschuldigingen zijn inaccuraat en niet waar"

De Amerikanen hebben over die publicaties, onlangs nog in Le Monde en El Mundial, altijd gezegd dat die “een inaccuraat beeld geven” over de activiteiten van de Amerikaanse inlichtingendiensten. De directeur van National Intelligence James Clapper zei daarnaast dat het niet waar was dat de NSA begin dit jaar 70 miljoen telefoontjes in een maand in Frankrijk had afgetapt. Omdat hij daar verder niet op inging, zijn die uitlatingen met schouderophalen begroet.

Daarnaast zouden de telefoontjes niet afgetapt zijn van Franse burgers, maar van buiten Frankrijk en in dienst van de terreurbestrijding. Ook de Spaanse data zou niet vanuit de eigen landgrenzen komen. Onduidelijk blijft dan nog waar die data dan vandaan komt en hoe die moet worden geinterpreteerd.