Het compromis waarmee een meerderheid van de Europarlementariers heeft ingestemd, was al eerder bekend en gepubliceerd door Webwereld. Amerikaanse bedrijven moeten een boete van tot 5 procent van hun jaaromzet betalen als zij stiekem persoonlijke gegevens van Europeanen doorgeven aan Amerikaanse opsporings- en inlichtingendiensten. Dat mag overigens wel als er een gerechtelijk bevel ligt.

Nu overleg met Europese ministers

Afgevaardigden van het Europees Parlement gaan nu met het voorstel in de hand naar de Europese Raad van Ministers om daarmee overeenstemming te bereiken. De diverse ministers, waaronder die van Justitie, hebben wel al enkele malen kritiek geuit op de voorstellen vanuit Europa. Er zijn twee voorstellen: een daarvan behelst de mate waarop opsporingsdiensten om moeten gaan met persoonlijke gegevens en de tweede, de veel genoemde Data Protection Regulation, richt zich voornamelijk op het bedrijfsleven.

In de commissie die nu overeenstemming moet vinden met de Europese lidstaten is ook Sophie in ‘t Veld opgenomen. De Europarlementarier (D66) zal vooral onderhandelen over de richtlijnen die het uitwisselen van persoonlijke gegevens tussen lidstaten regelt, waarbij de opsporingsdiensten.

'Dit compromis een gemiste kans'

In ‘t Veld zegt blij te zijn met de aanscherping van de bestaande privacywetten binnen de EU, maar is minder te spreken over het uiteindelijke compromis dat nodig was om een meerderheid in het parlement te krijgen. “Na de recente onthullingen is het een gemiste kans dat er geen sterkere concepttekst op tafel ligt. Alle elementen zitten er in maar niet eenduidig en ondubbelzinnig waardoor de rechtsbescherming alsnog zwak is. Gelukkig is op mijn aandringen de richtlijn wel aangescherpt waardoor de achterdeur naar de VS op slot gegaan is.”

Daarbij tekent ze aan dat de al bestaande regelgeving streng genoeg is om het Amerikaanse datagraaien tegen te gaan, maar dat de Europese Commissie daarin zich een tandenloze tijger heeft getoond. “Helaas is de Commissie tot nu toe timide en zwak geweest.” Zij verwijt de lidstaten dat die de Europese Commissie zwakker hebben gemaakt “in deze tijden van Euroscepsis.” "Dit is de keerzijde daarvan.”