Direct na de zogeheten Initial Public Offering (IPO) waren er aanwijzingen dat een selecte groep investeerders vooraf meer informatie had gekregen dan het grote publiek. Dat zou zijn gegaan om de lagere verwachtingen van advertentie-inkomsten. Maar ondanks diepgravend onderzoek laat beurswwaakhond SEC (Securities and Exchange Commission) de klachten vallen, meldt PCWorld.

Zonder rechtstreeks namen te noemen gaat het vermoedelijk om zakenbank Morgan Stanley, die een consortium van banken leidde dat de beursgang van Facebook had voorbereid. In de aanloop naar de IPO bleken bij nader inzien de omzetverwachtingen van de profielensite niet zo rooskleurig als eerder werd voorgesteld.

'Uitgebreide waarschuwingen'

Ook de Financial Industrie Regulatory Authority (FINRA) startte een onderzoek naar de gedragingen van Morgan Stanley. Ook waren er tientallen rechtszaken van gedupeerde investeerders. Velen daarvan zijn echter vorig jaar afgewezen door de federale rechter, die oordeelde dat Facebook "uitgebreide waarschuwingen" heeft uitgedaan over de gezondheid van de mobiele activiteiten, die overigens inmiddels floreren.

De vermeende voorkennis is maar één van de tientallen rechtszaken die zijn aangespannen rondom de beursgang van het sociale netwerk in mei 2012. Die ging van alle kanten mis, met name technisch. Dat zorgde voor gezichtsverlies bij beursbedrijf Nasdaq, dat zelf toegaf dat eigenlijk IPO had moeten worden uitgesteld vanwege problemen met het softwareplatform.

Door die problemen ontstond er een vertraging van een half uur en ook daarna zouden er nog handelaren gedupeerd zijn door storingen in de software. Nasdaq kwam er vanaf met een boete van 10 miljoen dollar.