Chipmakers Freescale Semiconductor, Samsung, ST-Ericsson, Texas Instruments en IBM zetten een nonprofit-organisatie op die Linux voor ARM-processors gaat ontwikkelen. Technisch gezien gaat het net niet om een nieuwe Linux-distributie. De nieuwe organisatie, Linaro genaamd, stort zich op ontwikkeltools voor verschillende distributies.

De eerste release, nog een testversie, moet deze maand uitkomen. Een definitieve versie (10.11) staat gepland voor november dit jaar. In mei volgend jaar moet een meer geoptimaliseerde versie (11.05) verschijnen. Het is nog niet bekend of alle Linaro-leden ook overgaan op de uniforme ontwikkeltools en de Linux-onderlaag die Linaro voorspiegelt.

Net geen distro

De kans is wel groot dat zowel chipmakers als apparaatfabrikanten overstag gaan voor Linaro. Het is een tegenhanger voor Intels netbook-Linux MeeGo, maar laat de hardwaremakers het besturingssysteem naar eigen inzicht aanpassen. Linaro belooft namelijk naast ontwikkeltools ook een "algemeen softwarefundament" voor Linux op apparaten met ARM-processors.

Dat fundament is nog geen complete distributie, wat de diverse hardwaremakers mogelijkheden geeft voor eigen toevoegingen zoals applicaties, diensten en uiterlijk. Het fundament wordt ontwikkeld in samenwerking met de apparaatfabrikanten, chipmakers en de open source-gemeenschap. Het doel is een Linux-kernel te maken die is gevalideerd voor ARM-chips, samen met low-level software en tools.

Linaro is van plan iedere zes maanden een nieuwe release uit te brengen, die beschikbaar is via de aangesloten chipmakers. De nieuwe nonprofit-organisatie wil ook samenwerken met bestaande open source-projecten, zoals GCC (de GNU Compiler Collection), om Linaro-ontwikkelwerk sneller vooruit te helpen.

Onderscheid maken

Het verschil tussen een kernel en een distributie zit vooral in de daar bovenop draaiende programmatuur, onder andere bestaande uit applicaties als ook grafische omgevingen (gui's en window managers). Linaro wil ARM-fabrikanten de mogelijkheid geven zich van elkaar te onderscheiden zonder daarbij compleet eigen Linux-varianten te moeten ontwikkelen en onderhouden. Het verschil tussen de ene en de andere distributie kan echter ook een kwestie van alleen naam zijn, zoals de regelrechte Red Hat-kloon, Unbreakable Linux, die Oracle biedt.

Linaro ziet nog een ander scenario: ARM-chipmakers kunnen met de beloofde tools en softwarebasis makkelijker verschillende Linux-distributies ondersteunen. Daarnaast kunnen de fabrikanten van smartphones, netbooks en smartbooks dezelfde tools gebruiken voor verschillende projecten met verschillende software-samenstellingen voor diverse apparaten. Volgens Linaro komen de voordelen van de voorgestelde standaardisatie ook de diverse distributies, open source-ontwikkelaars en uiteindelijk consumenten ten goede.