Terwijl de concurrenten al flink met de voetjes van de vloer gingen, bleef Thinstall de eenzame loser van de groep, zonder date op het eindejaarsfeestje van de brugklas. Maar gelukkig kreeg de puistige puber zijn groeispurt, en met wederhelft VMware voor de ondersteuning begint het huidige ThinApp eindelijk volwassen te worden. Daarmee gaat het met het gepolijste product voor applicatievirtualisatie wat mij betreft de goede kant op.

Om te beginnen is de kern van het ontwikkelteam verstandig genoeg intact gehouden tijdens de overgang, en heeft deze groep eindelijk wat problemen in het ontwerp aangepakt die de schaalbaarheid van Thinstall geen goed deden. De nieuwe AppSync-functie bijvoorbeeld lost een groot probleem van de vorige versies op: het gebrek aan beheermogelijkheden buiten de eigen ict-omgeving voor gevirtualiseerde applicatiepakketten. Met een eenvoudige op http gebaseerde synchronisatie-engine in elk pakket maakt NetApp het nu mogelijk om updates te slipstreamen naar zelfs de meest verafgelegen virtuele apps, terwijl beheerders genoeg hebben aan een simpele webserver als het centrale punt van distributie.

Het lijkt zo eenvoudig, en toch is het een probleem waarmee Microsoft en Symantec al jaren moeite hebben: hoe kunnen gevirtualiseerde applicaties die over het web verspreid zijn worden onderhouden? Dat is met ThinApp een eitje; verander gewoon wat bitjes in de .ini, en je hebt een applicatie die geregeld naar huis belt, zelf een update van een vooraf aangewezen url trekt, en op zwart gaat als het contact met de server te lang op zich laat wachten. Hierdoor is geen ingewikkelde beheerinfrastructuur nodig, en is het mogelijk om de bewezen robuuste http-server te schalen naar niveaus waar de concurrentie niet aan kan tippen.

AppLink

Een andere innovatie van NetApp, Applink, geeft bedrijven de mogelijkheid om softwarecomponenten onder te verdelen in kleine ThinApp-pakketjes, die weer op runtime-niveau kunnen worden aangeroepen door andere ThinApp-pakketten. VMware gebruikt zelf .Net als voorbeeld voor Applink, maar ik kan verschillende mogelijkheden bedenken voor het gebruik van een dergelijke functie (het onderhouden en distribueren van JRE's bijvoorbeeld, of het inpakken van platformspecifieke ODBC-drivers). Eigenlijk is elke software-eis een mogelijke kandidaat voor AppLink.

Verder biedt ThinApp de keuze om applicaties als executable of MS installer-object te verpakken, een snapshotfunctie voor installaties die een reboot nodig hebben, en ondersteuning voor usb-sticks als medium om pakketten mee te vervoeren.

Setup Capture

Ik heb thinApp gestest op een VM van WMware Workstation 6.5 bèta, met Windows Server 2008 als de onderliggende gastheer-OS. Het bekende Setup Capture utility, een overblijfsel van Thinstall, blijft het hart van de ThinApp packager. Het tooltje is bijna net zo eenvoudig als Symantec SVS; gewoon opstarten, waarna u het installatieprogramma van de doelapplicatie draait, en de utility zal op de achtergrond de veranderingen in systeeminstallingen en het registry bijhouden. Helaas heeft Setup Capture nog steeds geen geavanceerde modus meer ingewikkelde configuratiemogelijkheden, en dat ondermijnt de bruikbaarheid van de tool.

Net als met ThinApps voorganger moet daarom het een en ander in het package.ini bestand gerommeld worden om de wat meer subtiele instellingen te kunnen manipuleren, waaronder ook de eerder genoemde AppSync-functie. VMware zegt bezig te zijn om te kijken hoe de interface van de Setup Capture-functie uitgebreid en verbeterd kan worden, met een mogelijk vooruitzicht op een ACE-toevoeging voor Workstation. Maar voorlopig moet de geavanceerde gebruiker de package.ini en de andere buildcomponenten van ThinApp leren kennen.

Gelukkig heb ik in het verleden lopen neuzen in juist deze zaken, toen ik de eerdere versies van Thinapp onder de loep nam. Het was een kwestie van een regeltje in de package.ini aanpassen en het aangemaakte pakketje in de url plakken om het automatisch te laten updaten vanaf een webserver. Ik kon ook een koppeling aanmaken tussen een ingepakte versie van paint.Net en een package van het .Net Raamwerk 2.0 met een enkele regel invoer. De applicatie draaide vervolgens vlekkeloos op een verse XP-installatie.

Conclusie

ThinApp lijkt zo een geweldige opvolger te worden van het krachtige maar o zo niet-complete Thinstall. Het product blijft echter wat problemen hebben. Er is bijvoorbeeld geen eenvoudige manier om de url voor de automatisch update aan te passen voor het geval dat de server eruit gaat. Het AppSyncmodel kan ook nog niet omgaan met licentiecompliance en abonnementsvormen, iets dat VMware moet oplossen om het hoofd te kunnen bieden aan het Microsofts SoftGrid SaaS-programma.

Bron: Infoworld.com Vertaling: Michiel van Blommestein ( origineel) Bron: Techworld