SLED 11, dat deze week is uitgekomen, is vooral beter dan zijn concurrenten omdat het goed samenwerkt met bestaande Windows netwerken, Windows-bestanden en applicatie servers. Natuurlijk kun je deze functionaliteit ook toevoegen aan andere Linuix distributies, als je dat tenminste met de hand wilt doen. Maar SLED geeft het allemaal out-of-the-box.

De nieuwe desktop is gebaseerd op OpenSUSE 11.1. Als je daar al eens mee hebt gewerkt, dan zou je misschien kunnen denken dat SLED 11 een ietsje meer is dan OpenSUSE, maar dan met een duur service contract. Maar dat is niet het hele verhaal. Dat ondervond ik toen ik SLED 11 eens nader ging bekijken.

SLED 11 is gebouwd op versie 2.6.27 van de Linux kernel. Je krijgt de keuze uit GNOME 2.24.1 en KDE 4.1.3. (Jammer genoeg is KDE 3.5.10 geen keuzemogelijkheid meer, en de nieuwe verbeterde versie is nog niet beschikbaar). Als default filesystem gebruikt SLED 11 ext3 in plaats van ReiserFS, al wordt ReiserFS wel ondersteund.

Proefritje met SLED

Ik heb SLED 11 geïnstalleerd op een Dell Inspiron 530S, een goedkope low-end computer. Er zit een 2.2GHz Intel Pentium E2200 dual-core processor, 4GB aan RAM, een 500 GB SATA harddisk en een geïntegreerde Intel 3100 GMA chipset. Daarnaast heb ik het geprobeerd op een Lenovo ThinkPad R61 met een 2.2 GHz Intel Core 2 Duo processor T7500, 2GB aan RAM en een 120GB harddisk.

De installatie ging snel. Het was een kwestie van de DVD er in en het installatieprogramma vertellen dat er geïnstalleerd moet worden. Dat was binnen een paar minuten gebeurd.

Een woordvoerder van Novell vertelde me dat het bedrijf in gesprek is met Dell, Hewlett-Packard en Lenovo om SLED 11 voorgeïnstalleerd mee te gaan leveren, maar op dit moment is er nog niets uit die gesprekken gekomen. Van Novell kreeg ik wel een review-exemplaar van een HP EliteBook 2530p met SLED 11 voorgeïnstalleerd. Op die notebook zat nog steeds een Vista-sticker geplakt.

Hopelijk gaan de deals door, want SLED werkte vlekkeloos op alledrie de machines. Het had geen moeite met de verschillende Wi-Fi en grafische kaarten, of met de un2400 3jG EV-DO/HSPA Mobile Broadband Module van de EliteBook. Was Windows Vista maar zo compatible met de nieuwste hardware.

Het uiterlijk van de desktop hangt natuurlijk af van welke desktop je kiest, GNOME of KDE. Ik koos GNOME voor de meeste van mijn tests, maar ik heb ook KDE uitgeprobeerd. Welke interface ik ook gebruikte, het moet gezegd worden dat de organisatie een beetje rommelig overkomt. Er staan bijvoorbeeld te veel applicaties op verschillende plaatsen. Ik had soms moeite om het programma te vinden dat ik zocht. We hebben niet echt drie verschillende plaatsen nodig voor het beheer, Control Center, Application Browser en YaST2. Daar zouden bijvoorbeeld drie tabs uitkomst kunnen bieden.

Samenwerken met Windows

Waarin SLED werkelijk uitblinkt is samenwerking met Windows en de zakelijke office omgeving van Microsoft. Fans van Linux en Mac mogen dan een beetje smalend doen over de vele misstappen van Microsoft, maar het is gewoon een feit dat de meeste bedrijven werken met de documentformaten van Microsoft, met Exchange en met Active Directory. SLED werkt daar perfect mee samen, en de verbeterde veiligheid en stabiliteit van Linux krijg je er gewoon bij.

De Novell-versie van OpenOffice 3.0 kan niet alleen overweg met de oudere Office formaten, maar ook met OpenXML. En hoewel ik denk dat uiteindelijk iedereen het echt open documentformaat ODF zal gaan gebruiken, is het wel goed dat OpenXML wordt ondersteund.

Het meestgehoorde argument van bedrijven die Windows en Microsoft Office niet willen vervangen is dat ze niet buiten Exchange en Outlook kunnen. Met SLED kun je gewoon Exchange behouden en het blijven gebruiken met de superieure Evolution client. In SLED 11 zit de nieuwste versie van Evolution, uit GNOME 2.26. Die werkt perfect samen met het MAPI-protocol van Exchange. Je kunt Outlook PST bestanden direct importeren in Evolution. Ik wou dat er een goed port van Evolution was voor Windows, dan konden gebruikers alvast een beetje afkicken van Outlook.

Verder heeft Novell de desktop weer Active Directory-vriendelijker gemaakt. Het was altijd al wel mogelijk om Linux en Samba samen te laten werken met een Windows-netwerk, maar over het algemeen was er toch wel wat expertise voor nodig om het perfect op elkaar aan te sluiten. Nu is het eigenlijk alleen een kwestie van het invoeren van je Active Directory- of domeingegevens in de juiste velden, en je bent klaar.

Het kostte me niet meer dan een paar minuten per pc om ze aan te melden bij mijn Active Directory en NT/Samba-domeinen. Eigenlijk was het veel makkelijker om deze Linux-machines aan te koppelen dan het was met Vista-systemen.

Het is trouwens niet alleen werk wat de klok slaat bij SLED. Er is ook nog een prettiger kant. In SLED zit bijvoorbeeld Moonight, dat toegang geeft tot Silverlight media content, en het heeft Moonshine, waarmee je kunt kijken en luisteren naar Windows Media Video en Windows Media Audio bestanden. Verder zit er Flash en ondersteuning voor AAC en MP3’s in SLED.

Conclusie

SLED is niet bedoeld voor free software-puristen. Maar met alle operabiliteit met Microsoft is het wel een Linux-desktopdie in de meeste zakelijke omgevingen een goede vervanging kan zijn voor Windows.

En dan kun je je nog afvragen waarom je Windows zou willen vervangen. Omdat er een paar dingen zijn die Windowsgebruikers als normaal beschouwen, maar die wel funest kunnen zijn voor een bedrijf, zoals Conficker en de afhankelijkheid van document formaten van Microsoft. Wil je wel compatibiliteit met Windows, maar heb je liever een goedkoper, stabieler en veiliger alternatief, dan is SLED 11 het besturingssysteem dat je zoekt. Bron: Techworld